Activiteiten & Actueel

Bodemverzorging, composteren en bemesten

We komen steeds in het bos terecht

Door Afra van Ruiten, 17 april 2012

Zelden zo'n leuke lezing meegemaakt. Goede spreekster met veel praktijkervaring neemt ons mee naar een terrein waarin het gaat om poep en afval. Marie-José Meertens weet het zo schoon te brengen dat het tot het einde aan toe boeiend is.

Marie-José is milieudeskundige en was voorheen werkzaam bij De Kleine Aarde. Zij leert ons dat je met composteren de kringloop in de natuur sluit en gebruik maakt van de materialen en dieren in je omgeving om de aarde gezond te maken en te houden. Natuurlijk zetten we met tuinieren de natuur naar onze hand. Het is ook belangrijk om de natuur een plek te geven, zoveel mogelijk soorten laten bestaan en helpen. Ruim niet te snel en te veel op, laat zaden staan, door een natuurlijk evenwicht in de tuin krijgen ziekten en plagen minder kans.

Maak je gebruik van organische mest, dan voedt dit de plant via de bodem en er ontstaat bodemleven en een humuslaag. Dit in tegenstelling tot kunstmest, dat snel werkt, maar ook snel uitspoelt. Vooral op zand speelt dit een rol.

Compost werkt via het bodemleven. Er worden gangen gegraven door wormen en mollen en andere insecten met veel poten. Er worden ziekteverwekkers geneutraliseerd. Aaltjes worden aangevallen door bodemschimmels. Aangemaakte lijmstoffen zorgen voor kruimelvorming. De beste structuur voor de grond. Compost verbetert de structuur van alle soorten grond.

Er zijn meerdere vormen van compostbakken mogelijk. Voor de kleine tuin is een ronde silo gebruikelijk. Dit werkt prima als er een luikje onderin zit. Voor grotere tuinen zijn drie bakken naast elkaar handig, in verband met het omzetten. Zorg voor een gesloten bodemoppervlak, liefst iets verhoogd. Zet ze in de half schaduw.

Wat gooi je in de bak?

Bladeren, hout (takken), gras, keukenafval, mest van dieren. Gebruik gelijke delen groen en bruin materiaal en zorg dat het materiaal een beetje vochtig is. Urine erover is het beste, dus vraag iemand om erover te plassen. Het blijft een poep en plas onderwerp. Maak de materialen fijn, knip de takken in kleine stukjes, maai de bladeren tot snippers. Voer vlinderbloemige planten alleen bovengronds af, zodat de wortels met stikstof en goede schimmels in de grond blijven zitten.

Niet in de compostbak: brood, zieke planten, onkruid met zaad, gekookt keukenafval (te vet), vleesresten, poep van hond of kat, glossy papier.

Wat gebeurt er?

De bak wordt warm, bij een grote goede hoop wordt het warmer dan 60°C waardoor ziektekiemen en zaden uitgeschakeld worden. Je kunt op zo'n bak dan ook onkruid gooien. De temperatuur kun je controleren met een compost thermometer. Alleen sporen blijven over. Als de bak koeler wordt roer je het materiaal door elkaar (zet de bak om) en hij wordt weer warmer. Vervolgens gaan dieren met het materiaal aan de gang en maken het klein. Na afkoelen de bak ongeveer twee maanden afgedekt laten staan en vervolgens kun je de compost in de tuin gebruiken.

Tips

Als je meer moeite doet, dus materialen fijn maakt en vaak de bak roert/omzet, dan krijg je sneller compost.

Controleer of de bak voldoende vochtig is, maar niet te nat. Als de bak te nat is kun je oude kranten of bladeren toevoegen.

Bladcompost kun je maken door een (dubbele) vuilniszak te vullen met vochtig blad en een beetje compost. Sluit hem af, prik gaten in de zijkant en zet hem ergens achter een schuur. Laat hem daar twee jaar staan en je bent klaar.

Ruikt de hoop naar ammoniak, dan ligt er te veel groen materiaal op, vul aan met bruin materiaal. Ruikt de hoop naar zwavelzuur, dan ligt er te weinig groen op.

Gebruik van compost

Gebruik in een nieuwe tuin 12-20 kg/m². Voor de siertuin is vervolgens een laag van 2 cm in het najaar tussen de planten voldoende om de tuin te helpen.

Bij het planten, bijvoorbeeld Clematis, vermeng je de tuingrond in een groot gat met compost.

Gras kun je onderhouden met een mulchmaaier. Of je kunt gezeefde compost in maart over het gazon strooien, 2 kg/m².

Moestuinen geef je bij aanleg 10 kg/m² en in het voorjaar vervolgens 5 kg/m². Niet een te dikke laag, woelmuizen vinden het ook prettig en vernielen je tuin als je de muizen hiermee aantrekt (zij sprak uit ervaring).

Mest

Ga je mest gebruiken in de tuin, doe dat dan met mate en zorg dat de gehaltes N, P en K onder de 10 blijven. N zorgt voor groei, K voor stevigheid, P voor de wortels en vruchtzetting. In organische mest zitten N en K. P komt vanzelf goed door het bodemleven.

Gehaltes Mg en Ca zijn in mindere mate nodig. Mg voor bladgroei en Ca voor het zuurgehalte. Kleigrond is van nature al kalkrijk, veengrond is zuur. Op veengrond kun je daarom ook makkelijker zuurminnende bosplanten zoals Rhododendron, Pieris en heide planten planten. Op klei groeien rozen beter.

Dierlijke mest is vaak puur en werkt langzaam. Gemengd met stro verbetert het de bodem. Gebruik geen verse mest, maar laat de mest 6 maanden rusten. Paardenmest is beter dan koeienmest en werkt heel goed als je meloenen wilt kweken.  Kippenmest nooit vers gebuiken. Gooi het liever op de composthoop.

Koemestkorrels hebben geen stuctuur en werken snel, deze bouwen geen humus op.

Compost kun je soms bij de gemeente gratis afhalen, prima voor de siertuin. Voor de moestuin is het veiliger als je weet waar het materiaal vandaan komt. Ook zijn er composteerbedrijven waar je compost kunt kopen, wellicht als groep?

Vervolgens gaf Marie-José aan hoe je zelf potgrond en zaaigrond kunt maken, beantwoordde vragen en liet ons met een vol hoofd en grote plannen achter.

p.s. Marie-José stuurde ons nog enkele documenten waarin veel gegevens op een rijtje zijn gezet: Composteertips en Toepassing compost

meer

Door: Thich Nhat Hanh

Ik heb in de herfst

toen ik in het park was

heel lang naar een prachtig

klein blad gekeken

dat de vorm had van een hart.

Het was bijna helemaal rood

en hing nog net aan een tak,

klaar om te vallen.

Ik vroeg het blad of het bang was

omdat het herfst was

en de andere blaadjes

al gevallen waren.

Het blad zei tegen me:

Neen, in de lente en de zomer

heb ik volop geleefd.

Ik heb hard gewerkt

om de boom te helpen voeden

en een groot deel van mij

is nu in de boom.

Als ik naar de aarde terugga

zal ik de boom blijven voeden.

Dus maak ik mij nergens zorgen over.

Als ik deze tak verlaat en naar

de grond dwarrel, zal ik naar de boom

zwaaien en tegen hem zeggen:

Tot gauw!

19
May
De schrik van de straat
19
May
Nieuwlicht